Column: Hoe wij het best kunnen inspelen op mogelijke overstromingen

Door: Tom Raadgever

De kans op een overstroming in Nederland is klein, dankzij onze sterke dijken en waterkeringen. Maar de zeespiegel blijft stijgen en de bodem dalen. Daarom moeten we blijven investeren om ons te beschermen tegen het water. Hoe? Daar zijn de meningen over verdeeld. Garanderen onze dijken en waterkeringen dat een overstroming ons niet overkomt en moeten we dus alle pijlen daarop richten? Of is het toch verstandig om ons ook voor te bereiden op een watersnoodramp?

‘Elke euro die niet in dijken wordt gestopt is verloren’. Zo luidde de stelling van de ingenieurs van de Technische Universiteit - het Delftse kamp - in de discussie over meerlaagsveiligheid in het Deltaprogramma. Investeren in de tweede laag (ruimtelijke ordening) en de derde laag (rampenbeheersing) zou zonde zijn van het geld. Met het oog op het besparen van kosten, sprak de stelling mij wel aan. Als je enkel geld in dijken stopt, besteed je je financiële middelen op een efficiënte manier. Toch was ik niet overtuigd of het ook de meest effectieve manier is om onze veiligheid te waarborgen. Ik besloot uit te zoeken wat de waarde is van de stelling van het Delftse kamp. 

OMGAAN MET OVERSTROMINGEN
Samen met onder andere Dr. Dries Hegger van de Universiteit Utrecht en partners in zes Europese lidstaten ben ik het STAR-FLOOD project gestart. We hebben geanalyseerd in welke veiligheidslagen we onze kostbare euro’s nu het beste kunnen stoppen. En hoe je dit in de praktijk kunt organiseren. In achttien case studies in zes Europese landen hebben we onderzocht hoe ze omgaan met mogelijke overstromingen. Over de antwoorden die wij op onze vragen hebben gevonden, konden we met gemak een stapel boeken volschrijven. En dat hebben we daarom ook maar gedaan. De belangrijkste conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek hebben wij gepubliceerd in ons boek Flood risk management strategies and governance

MEER DAN DIJKEN
Hoe zit het nu met de stelling van het Delftse kamp? Conclusie nummer één uit ons onderzoek haalt hem al onderuit. Steek je euro’s vooral niet alleen in dijken! Ons onderzoek wijst uit dat een gebied waterkerend vermogen nodig heeft om overstromingen te voorkomen. Maar we moeten ook zorgen voor voldoende capaciteit om de gevolgen te beperken en te herstellen als het toch fout gaat. Daarnaast moet een gebied zich voortdurend aanpassen aan veranderende omstandigheden en daar zijn euro’s voor nodig. En we hebben gemotiveerde mensen nodig die vanuit verschillende sectoren samenwerken, binnen heldere kaders van beleid en wet- en regelgeving.
 
Een tweede belangrijke conclusie die wij trekken is dat geen gebied hetzelfde is. De aanpak om burgers te beschermen tegen overstromingen in land A, biedt nog geen garantie voor de waterveiligheid van burgers in land B. Het kan een inspiratiebron zijn, maar het zou onverstandig zijn om de aanpak een-op-een over te nemen.

BADKUIP EFFECT
Als ik naar de ontwikkeling van Nederland kijk, zie ik een lege badkuip voor me met mensen, gebouwen en infrastructuur. Hij is omringd door water en zakt steeds dieper weg, want de zeespiegel stijgt en de bodem daalt. We houden zee en rivieren buiten de deur door de dijken steeds verder te verhogen. Daardoor wordt het niveauverschil tussen de polders waarin we wonen en het water eromheen groter.

Gelukkig weten wij Nederlanders als geen ander onszelf te beschermen tegen het water. Hoewel de kans op een overstroming dus zeer klein is, kunnen we toch maar beter op het ergste voorbereid zijn. Want als het misgaat heeft een overstroming verwoestende impact. In ons eigen land is de Watersnoodramp van 1953 daar een tekenend voorbeeld van. Maar ook recentere rampen in de landen om ons heen helpen mij daar vaak aan herinneren.  

DELTAPROGRAMMA
Hoe zorgen we ervoor dat we de komende eeuwen droge voeten houden in ons laaggelegen land? Dat is de vraag die velen van ons bezighoudt en waarop het Deltaprogramma antwoord geeft. Verreweg de meeste euro’s worden gestoken in het Hoogwaterbeschermingsprogramma. Een goede ontwikkeling. Maar tegelijkertijd valt het mij op dat voor de tweede en derde veiligheidslaag beduidend minder aandacht is. Met het oog op ruimtelijke ordening is dat logisch. We kunnen moeilijk heel Nederland met een paar meter ophogen voor een situatie die een gemiddeld mens in zijn leven nooit zal meemaken. Maar voor de derde laag – rampenbeheersing – beschouw ik het gebrek aan aandacht als een gemiste kans!

VOORBEREIDEN OP OVERSTROMINGEN
Door burgers bewust te maken van wat ze moeten doen als een overstroming zich onverhoopt toch voordoet, worden mensenlevens gered. Een goed rampenplan kan hierbij helpen. Communicatiemiddelen zoals de website Overstroomik.nl zijn een goed begin, maar het is zaak deze derde laag structureel verder te organiseren. Investeer dus ook in organisatiecapaciteit, wettelijke kaders en bewustzijn bij burgers, is mijn advies. Je kunt maar beter weten hoe je je moet voorbereiden en wat je moet doen als onze geschiedenis zich herhaalt. Ook al is die kans nog zo klein.

 

Over Tom Raadgever
Tom Raadgever is adviseur Waterveiligheid bij Sweco en editor van het boek ‘Flood risk management strategies and governance’, waarin hij op basis van het STAR-FLOOD project uiteenzet hoe wij kunnen inspelen op mogelijke overstromingen.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met:
Adviseur Communicatie, Ditmar van Diggelen,
+31 88 811 58 38, ditmar.vandiggelen@sweco.nl

Sweco ontwerpt en ontwikkelt de samenlevingen en steden van de toekomst. Ons werk leidt tot duurzame gebouwen, efficiënte infrastructuur en toegang tot elektriciteit en schoon water. Met 14.500 medewerkers in Europa, bieden wij onze klanten voor elke situatie de juiste expertise. Wij voeren jaarlijks projecten uit in 70 landen verspreid over de hele wereld. Sweco is Europa’s grootste ingenieursadvies- en architectenbureau, met een omzet van circa 1,8 miljard euro en is genoteerd aan de Nasdaq Stockholm.

Subscribe

Media

Media

Documents & Links